Een kamer in Liberte 4!
Als ik dit schrijf is het zaterdagavond, ongeveer 7 uur. De schemering heeft ingezet en over een half uur zal het helemaal donker zijn. Ik lig op mijn bed in mijn nieuwe kamer, gezellig bij het licht van een sfeervolle spaarlamp die uit het plafond steekt. Dat klinkt misschien niet zo aantrekkelijk, maar ik ben erg blij met deze kamer. Hij is ongeveer 3 bij 3 meter, lichtbeige en met naast de deur een raam, of liever gat want er is geen sprake van kozijnen of glas. Hij is gemeubileerd, en wel met een groot bed en een nachtkastje. En natuurlijk de eerder genoemde spaarlamp. Dit alles voor 115 euro per maand.
Bij de familie Diagne
Misschien klinkt dat nog niet als een hele goede deal, maar het is erg lastig hier iets te vinden voor die prijs. Of je moet voor onbeperkte tijd willen huren, maar anders betaal je al snel 10 à 15 euro per dag. Dakar is duur. De reden dat ik deze kamer toch ideaal vind is dat ik bij een geweldig gezellige familie in huis woon. De familie bestaat uit:
- Pape - vaderlief, kleine man met altijd een blauwe trainingsbroek en een gulle lach
- Astou - moeders, vrolijke vrouw met mooie afrikaanse kleding
- Maïmouna - dochter van 11, vind me wel interessant maar doet ‘r best dit niet te laten merken
- Badou - zoontje van iets van 5, een guitig baasje
Vanmiddag heb ik ook kennisgemaakt met een stuk of 20 andere familieleden, uit drie generaties. Geen van hen woont verder weg dan een meter of 30, de hele familie is buur van elkaar.
Gadgetboy
De familie is naar mijn indruk zeker niet een van de allerarmsten. De wijk, “Liberté 4″, ziet er redelijk uit met veel min of meer verharde wegen en ook wat bomen die het een stuk vriendelijker maken. Foto’s gaan volgen, maar ik denk dat ik liever voorlopig nog even mijn mooie Powershot sx10 in mijn rode koffertje laat slapen want, ik wil me niet teveel profileren als de gadgetboy. Gadgets zijn hier behoorlijk ‘het’, op de markt is het gemakkelijk uit te vinden waar de ‘portables’ verkocht worden want daar staan 5 keer zoveel mensen als bij de bananen. Terug naar huis; mijn kamer komt uit op een gangetje met direct daarna de voordeur. Verder zijn er 2 slaapkamers, een douche, wastafel, toilet mèt papier (!!) en een huiskamer met een TV die continu aanstaat zoals in elk gezin met een tv.
Celibataires
Buiten kom je uit op een binnenplaatsje, netjes betegeld, met waslijntjes en 8 voordeuren waarachter alleenstaande mannen wonen, ‘celibataires’. Dat klinkt heel religieus en seksloos, maar ik heb me door Oumar laten vertellen dat ‘celibataires’ allerminst perse niets met vrouwen ondernemen. De meesten zijn denk ik mijn leeftijd of ouder, en vandaag heb ik ze allemaal gezien terwijl ze hun was deden in grote plastic tobbes voor hun deur. Mocht ik niet teveel willen gaan stinken dan zal ik ook met zo’n tobbe in de weer moeten.
Op dat moment zat ik in de zon te lezen, want ik wil natuurlijk niet bleekjes terugkomen en tot nog toe zijn er weinig momenten om echt in de zon te komen. Uiteraard had dat wel wat opmerkingen tot gevolg, want wie gaat er nou in de volle zon zitten. Het is met 23 graden en een zacht windje trouwens ongelooflijk aangenaam hier, de locals vinden het echter winters weer en klagen regelmatig over de kou (!).
Musique partout
Inmiddels loopt het hier tegen 20.00 uur, want ik heb ondertussen wat Brian Doerksen, John Mayer en Bach in mijn mobieltje gepompt. We gaan zo eten, mijn eerste maaltijd met de familie. vanmiddag heb ik trouwens uitgebreid gegeten bij Abdou en zijn vrouw, die de kamer voor mij geregeld heeft. Hij is assistent-hoogleraar op de universiteit en behoorlijk welgesteld. Met hem spreek ik engels, en hij en zijn gezin (2 kinderen en een bediende) wonen in een prachtig en groot huis voorzien van alle gemakken. De maaltijd was erg lekker, en ik heb wat lokale specialiteiten leren eten en drinken, zoals baobabdrank, gemaakt uit de vruchten van de baobab met melk en suiker erbij. Erg lekker, jammer dat jullie geen baobabs hebben daar!
De baobab brengt me trouwens bij mijn laatste kenmerk van mijn nieuwe kamer; muziek! Een heel bekende band hier is het Orchestre Baobab. Muziek is geen exclusief kenmerk van mijn kamer maar eigenlijk van heel Dakar en misschien wel van heel Senegal. Er is geen plek waar geen muziek is. Naast de klagelijke gebeden vanaf 5 uur ’s ochtends uit de speakers van de moskeeën draait iedereen hier balag en rapmuziek van lokale artiesten die ongekend populair zijn. Heerlijke afrikaanse ritmes met schreeuwerige zangers die verhalen zingen over armoede, liefde, politiek en het leven. Alle winkels hebben een eigen radio, en 1 van de celibataires hier vlakbij heeft ook een enorme stereo. Opvallend is hoe politiek betrokken de zangers zijn, er is zelfs een debatprogramma tussen rappers en politici op tv! Later meer over wat er op tv is, nu gaan we eten. Voor bepaalde lezers; ik kom goed aan mijn trekken hier, een zeer gangbaar gerecht hier is iets waar ik behoorlijk van houd, VIS!

Hey Jos,
Lekker bezig daar in Dakar! Leuk om je verhalen te lezen en wat goed dat je het ‘tot nu toe’ nog zo netjes bij houdt! Ben erg benieuwd hoe het je zal gaan bevallen de komende tijd, maar de eerste indrukken zijn veelbelovend!
En ondertussen steekt Madelief in je decolleté… Leuke weblog, keep me posted he. Om je even met beide benen op de grond te houden: hier in Holland was vanochtend mn auto aangevroren…
Lust jij graag VIS? Dat wist ik niet! Wel fijn dat je het zo graag lust. Want je kunt het daar waar jij nu bent dus makkelijk, lekker en veel eten.
Over muziek en politiek gesproken : de beroemde reggaezanger Tikenjah Fakoly (geen Senegalees, maar wel internationaal beroemd) is door de president Wade het land uitgewen wegens zijn politiek geengageerde songs (VB. Quitte le pouvoir)